OCMW voor gezinnen: leefloon, medische kaart en de 5-jaarregel

Geschreven door Dan Gabriel Miclos, DG Advisory · Geverifieerd: 25 september 2026 · 7 min leestijd

In het kort

Het leefloon is het minimuminkomen dat het OCMW, het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van je gemeente, je betaalt. Je krijgt het als je te weinig middelen hebt om menswaardig te leven. De wet noemt het het recht op maatschappelijke integratie.

Als Roemeense burger heb je pas na de eerste 3 maanden verblijf toegang tot het leefloon. Werk je als werknemer of als zelfstandige, dan geldt die uitsluiting van de eerste 3 maanden niet.

Jouw situatieCategorieVanaf 1 maart 2026Vanaf 1 september 2026
Je woont samen met anderen (samenwonend)1893,65 euro per maand911,56 euro per maand
Je woont alleen (alleenstaand)21.340,47 euro per maand1.367,34 euro per maand
Je hebt minstens één minderjarig kind ten laste (gezinslast)31.811,57 euro per maand1.847,89 euro per maand

Dit zijn maximumbedragen. Het OCMW trekt je bestaande inkomsten ervan af. Officiële bron: POD Maatschappelijke Integratie (Primabook).

Direct naar de officiële bron

Wie heeft recht op een leefloon

Je krijgt een leefloon als je aan alle voorwaarden hieronder voldoet:

  • je woont echt in België en hebt hier je hoofdverblijfplaats;
  • je bent EU-burger met een verblijfsrecht van meer dan 3 maanden, of familielid van zo iemand;
  • je bent minstens 18 jaar, of minderjarig en gehuwd, met een kind ten laste of zwanger;
  • je hebt te weinig middelen en weet niet hoe je die op een andere manier kunt krijgen;
  • je bent bereid om te werken, tenzij je gezondheid of andere ernstige redenen dat verhinderen;
  • je hebt eerst je andere sociale rechten aangevraagd, bijvoorbeeld een werkloosheidsuitkering.

Het leefloon komt als laatste, na je andere rechten. Heb je in België gewerkt, kijk dan eerst of je recht hebt op een werkloosheidsuitkering.

De regel voor EU-burgers: de eerste 3 maanden

De regel staat in artikel 57quinquies van de OCMW-wet van 8 juli 1976 en in de wet van 26 mei 2002. De omzendbrief van 5 augustus 2014 legt uit hoe het OCMW hem toepast:

  • in de eerste 3 maanden van je verblijf is het OCMW je geen maatschappelijke dienstverlening verschuldigd;
  • de termijn loopt vanaf de bijlage 19, het bewijs dat je je inschrijving hebt aangevraagd, of vanaf de datum van je E-kaart;
  • ben je gekomen als werkzoekende, dan geldt de uitsluiting zolang je werk zoekt;
  • werknemers, zelfstandigen en hun familieleden zijn niet uitgesloten;
  • dringende medische hulp blijft bestaan, na arrest 95/2014 van het Grondwettelijk Hof van 30 juni 2014.

Verlies je je job, dan kun je je status van werknemer behouden. Het EU-portaal Your Europe zegt: na minder dan een jaar werk minstens 6 maanden. Na meer dan een jaar zolang je ingeschreven bent als onvrijwillig werkloze.

Er bestaat geen 5-jarenregel voor het leefloon. De 5 jaar spelen bij je verblijf: in de eerste 5 jaar is je verblijfsrecht voorwaardelijk. Ben je je job kwijt, schrijf je dan meteen in bij de VDAB.

OCMW-steun en je verblijfsrecht

Vraag je steun, dan moet het OCMW je zeggen dat de POD Maatschappelijke Integratie je gegevens doorgeeft aan de DVZ (Dienst Vreemdelingenzaken). Wat daarna gebeurt, hangt af van je statuut.

  • de POD MI verwittigt de DVZ automatisch als je een E-kaart hebt en meer dan 90 dagen leefloon krijgt binnen 12 maanden;
  • werknemer: steun alleen beëindigt je verblijf niet, maar de DVZ kan nagaan of je werk reëel en daadwerkelijk is;
  • zelfstandige: de DVZ kan nagaan of je je activiteit nog uitoefent;
  • werkzoekende: OCMW-steun kan nooit een reden zijn om je verblijf te beëindigen;
  • economisch niet-actief: steun leidt niet automatisch tot het verlies van je verblijf.

In dat laatste geval beoordeelt de DVZ geval per geval of je een „onredelijke belasting” vormt voor het socialebijstandsstelsel. Ze kijkt naar de duur van je verblijf, je persoonlijke situatie en het bedrag van de steun. Weet je niet welk statuut je hebt, vraag het dan aan de maatschappelijk werker voor je de aanvraag tekent.

Andere hulp van het OCMW

Het OCMW geeft niet alleen een leefloon. De hulp hangt af van het sociaal onderzoek:

  • dringende medische hulp, ook in de eerste 3 maanden van je verblijf;
  • energie: zonder akkoord van de lokale adviescommissie (LAC) mag de leverancier je gas, elektriciteit of water niet afsluiten;
  • energie: hulp uit het energiefonds, een afbetalingsplan voor schulden, begeleiding bij de budgetmeter;
  • huurwaarborg: het OCMW kan hem voorschieten via een overeenkomst met een bank, voor maximaal 3 maanden huur;
  • een voorschot op andere sociale rechten die nog in behandeling zijn;
  • steun voor kinderen, cultuur, sport en internettoegang.

Voor de huurwaarborg bestaat ook een renteloze lening van het Vlaams Woningfonds. Bekijk de inkomensvoorwaarden op vlaanderen.be en ga dan naar het OCMW of het Woningfonds.

Zo vraag je een leefloon aan, stap voor stap

  1. Ga naar het OCMW van de gemeente waar je woont. Elk OCMW helpt alleen de inwoners van zijn eigen gemeente.
  2. Je dient je aanvraag in en krijgt een ontvangstbewijs.
  3. Een maatschappelijk werker doet een sociaal onderzoek en komt bij je thuis.
  4. Het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst (BCSD) neemt de beslissing.
  5. Het OCMW beslist binnen 30 dagen na je aanvraag en brengt je binnen 8 dagen op de hoogte.
  6. Binnen 3 maanden stel je samen met het OCMW een geïndividualiseerd project voor maatschappelijke integratie op.

Wat je meebrengt:

  • je Roemeense identiteitskaart of paspoort en je EU-verblijfskaart, als je die al hebt;
  • je rekeningnummer;
  • je huur- of kredietcontract;
  • bewijzen van al je inkomsten: loon, werkloosheidsuitkering, pensioen;
  • bewijzen van je kinderen ten laste en medische attesten, als dat van toepassing is;
  • bewijzen van spaargeld of bezittingen.

Meld elke verandering meteen aan het OCMW: een job, een nieuwe huisgenoot, een nieuw adres. Anders kan het OCMW het geld terugvragen.

Als het OCMW je aanvraag weigert

Je krijgt de beslissing schriftelijk. Ben je het er niet mee eens, dan ga je in beroep bij de arbeidsrechtbank.

De termijn is 3 maanden vanaf de datum waarop de beslissing je werd meegedeeld. Je kan ook in beroep gaan als het OCMW geen beslissing neemt. Bewaar de brief met de beslissing en het bewijs van je aanvraag.

Veelgestelde vragen

Hoeveel krijgt een gezin met kinderen?

Maximaal 1.847,89 euro per maand vanaf 1 september 2026, als je minstens één minderjarig kind ten laste hebt. Het OCMW trekt je eigen inkomsten ervan af.

Kan ik een leefloon krijgen in mijn eerste maand in België?

In de regel niet, want in de eerste 3 maanden is het OCMW je geen maatschappelijke dienstverlening verschuldigd. Uitzondering: je werkt als werknemer of zelfstandige, of je bent familielid van zo iemand.

Verlies ik mijn verblijfsrecht als ik steun vraag?

Niet automatisch. De DVZ kan je dossier nakijken en beslist geval per geval, volgens je statuut.

Ik heb gewerkt en mijn job verloren. Heb ik nog recht?

Je kunt je status van werknemer behouden als je je inschrijft als onvrijwillig werkloze. Kijk eerst naar de werkloosheidsuitkering, want het leefloon komt als laatste.

Krijg ik medische hulp in de eerste 3 maanden?

Dringende medische hulp blijft bestaan, na het arrest van het Grondwettelijk Hof van 30 juni 2014.

Wat doe ik als het OCMW weigert?

Je gaat in beroep bij de arbeidsrechtbank binnen 3 maanden nadat de beslissing je werd meegedeeld.

Verder lezen

Bronnen